Monday, August 29, 2011

 

Posted by Picasa
Gooilandkaart van Lucas Sinck uit 1619.
(Detail oostzijde met de grens tussen de provincie Utrecht en Holland)
-- Uit de verzameling van dhr. Groeneveld --

 

Posted by Picasa
Gooilandkaart van Lucas Sinck uit 1619.
(detail westzijde met Naarden en de Vecht)

Tuesday, October 19, 2004

 

ELDERT DE GOOIJER 1620-1660

EEN GEWELDDADIG TIJDVAK

Eldert de Gooijer leefde in het tijdvak, van de Republiek, die de 'Gouden Eeuw' genoemd wordt. Voor het arme Gooi was die benaming misplaatst. Bij hun opmars naar de rijke handelsstad Amsterdam hadden de Spanjaarden geregeld huisgehouden in het Gooi. Na de beruchte uitmoording van Naarden in 1572 vond een inval plaats in 1585. Een tijdgenoot, de geschiedschrijver Pieter Christiaan Bor, beschreef die als volgt:
"den selven avond is hij (de Spaanse bevelhebber Verdugo) omtrent elf uren met sekere ruyteren, so Spangiaerden,Italianen, Walen als Duytse gevallen in 't dorp van Huysen in Goylant een half mijle van Naerden en hebben aldaer etlijke huysluyden doodgeslagen vele mans vrouwen en kinderen gevangen genomen, jonge maechden en dochteren geschent en verkracht en grote schrikkelijke wreetheyd en tyrannnye bedreven, somma so gehandelt dat het niet behoorlijk is te beschrijven om der kuyschen ooren wille, zijn van daer voorts gerukt in de dorpen van Laren en Blaricum, Ankeveen en andere dorpen en hebben alle deselve geplondert en seer onmenschelijk met de arme luyden geleeft; hebben wel mede genomen over de 500 peerden; noch vele beesten van koeyen, schapen en over de 300 gevangenen, de welke sy getormenteert en gepijnicht hebben, dat vele meer tot rantsoen beloofden te geven, als alle haer goederen waerdichs waren .......... "

De laatste inval in het Gooi van de Spanjaarden vond zelfs nog plaats in 1629. In het dorp Hilversum werden door hen vele huizen in de brand gestoken. Naarden werd niet aangevallen. Ter verdediging van Amsterdam werd het juist drooggelegde Naardermeer weer onder water gezet. In plaats van financiƫle hulp van de Amsterdamse regenten kreeg het Gooi in die jaren te maken met hun hebzucht. Een groot gebied, bekend onder de naam 's-Graveland, werd door hen ingepalmd. De Gooiers en vooral de Hilversummers, die de strook land tot hun gebied rekenden, bleven zich verzetten, beschoten de arbeiders en verwoesten de grondwerken. De Staten steunden hun mederegenten bij deze ontvreemding van de erfgooiersgrond. In 1633 vaardigden zij een plakkaat uit tegen wat zij noemden de 'molestanten'. Zij stuurden zelfs een compagnie ruiters en voetvolk van het Staatse huurleger. In plaats van de Spanjaarden te bestrijden werden deze troepen misbruikt voor eigen louche belangen.

In die tijd werd 't Gooi vanuit het Muiderslot bestuurd door P.C. Hooft, drost van Muiden en baljuw van het Gooi. Oorspronkelijk had Hooft negatief over de 'ontginning' van 's-Graveland geadviseerd. Nu hijzelf deelnam aan de verdeling verviel zijn eerder geveinsde argument 'uit eerbied voor de rechten van de erfgooiers'. Ook toen gold : 'Groten stelen en kleinen stelen, de groten het meest'. Zo trad Hooft op tegen het illegaal turfsteken over de oostgrens door de Gooiers. Het grens verloop tussen het Gooi en Sticht berustte toen overigens op nogal vage afspraken. Pas honderd jaar later in 1719, werd die grens precies opgemeten en middels grenspalen afgebakend. Hooft dreigde de turfgravers te laten arresteren en terecht- stellen. Eventueel zouden ze op de pijnbank worden 'verhoord'. Soms probeerde hij een rechtvaardige rechter te zijn en pleitte bij prins Maurits voor gratieverlening aan een paar jonge Gooilanders, die in Blaricum een meisje geschaakt hadden. Hoewel dit een ernstig vergrijp was, vroeg hij begrip. Het meisje had zich door herhaalde trouwbeloften aan een van hen, een zoon van welvermogende ouders, gebonden. Ook ondersteunde hij het gratieverzoek voor een chirurgijn die zes jaar in Huizen een eerzaam leven had geleid. Bij een vechtpartij doodde hij onopzettelijk zijn aanvaller. Door het gerecht was hij uit 't Gooi verbannen, terwijl zijn vrouw en vijf kinderen onbemiddeld achterbleef.
De Spanjaarden maakten bij hun gewelddadig optreden geen verschil tussen de protestanten of katholieke bevolking. Zo was de meerderheid van de vermoorde Naarders in 1572 nog katholiek. Nooit was er sprake onder de katholieke Gooiers van sympathie voor de Spanjaarden. Toch moest Hooft ook de naleving van de plakaten tegen het katholieke geloof controleren en uitvoeren. De katholieke kerk van Blaricum was aan de overgrote meerderheid van de in-woners ontnomen en toegewezen aan een tiental, in hoofdzaak van elders gekomen, protestanten. Deze laatsten zouden eeuwenlang de overheidsbaantjes in het dorp bezetten. Op aandringen van de Gooise dominees doorzocht Hooft persoonlijk de schuilkerk die te Laren in een boerderij was gevestigd. Na onderzoek liet hij de toegangsdeuren verzegelen. De in beslaggenomen kerkelijke voorwerpen waren van weinig waarde. Mogelijk was de pastoor over de inval ingelicht of bezat de arme parochie niets beters. Hooft stierf enkele maanden voor het sluiten van de 'Vrede van Munster', die in 1648 een einde maakte aan de 80 jarige oorlog.

VERDWAALD OP DE GOOISE HEI

Alle weldenkende en goedwillende mensen vonden de vrede een zegen. Vooral een opluchting voor de bevolking van de door de oorlog getroffen gebieden, zoals 't Gooi. Toch was niet iedereen met de vrede tevreden. Nu er vrede was wilde de Staten-Generaal het leger inkrimpen. Vooral de vreemde huurlingen zouden afgedankt worden. Hoewel amper volwassen, verklaarde Stadhouder Willem II zich tegen beide plannen. De prins wenste geen inkrimping en als het moest allereerst afdanking van de Nederlandse vendels. Vreemde troepen kon hij beter en gemakkelijker ge- of misbruiken voor zijn plannen. Die hielden in om samen met het katholieke Frankrijk opnieuw oorlog te voeren tegen Spanje. Van een godsdienstoorlog was dus geen sprake. Om zijn zin door te drijven trachtte hij een verraderlijke aanslag op Amsterdam te plegen. Willem Frederik, de stadhouder van Friesland, verzamelde een grote troepenmacht bij Scherpenzeel. Het heette dat de vrouw van Willem II daar een parade zou afnemen. Willem Frederik trok met zijn troepen naar Abcoude. Het grootste deel van het leger verdwaalde echter in het donker op de Hilversumse heide. Een herbergier, die in het complot zat, plaatste geen lichtbaken zoals was afgesproken. Bovendien was Evert Lambertsz van de Hamburger Post, op weg naar Amsterdam, de ruiterij in de buurt van Hilversum tegengekomen. Evert vernam de marsrichting en meldde dit aan de burge-meester van Amsterdam. De stad werd in staat van verdediging gebracht en de landverraderlijke aanslag en een dreigende burgeroorlog mislukte. Gelukkig stierf Willem II nog hetzelfde jaar aan de kinderpokken, zodat weer geen duizenden mensen nodeloos aan de eerzucht van een enkeling werden opgeofferd.

DE STAATSE HUURLINGEN

De plattelandsbevolking, dus ook de Gooiers, hadden niet allen vrees voor de Spanjaarden ook het Staatse leger was hun vijand. Het Staatse leger was zolang de Tachtigjarige oorlog duurde, op voet van oorlog, wat inhield dat een onbekwaam officier een direct gevaar voor zijn omgeving opleverde. Deze officieren kwamen meestal voort uit de Duitse lagere adel en waren even meedogenloos als degenen die uit de lagere rangen waren opgeklommen. Van nog minder allooi waren de soldaten, die over het algemeen uit de armste bevolkingsgroepen kwamen. Voor een groot deel waren het buitenlanders, vooral Duitsers.Zij werden betaald, moesten hun werk doen en werden geminacht. Door de aard van het bedrijf waren het rauwe klanten, voor wie tijdens de veldtocht het vee van de boerderijen en de vrouwen niet veilig waren. Nooddurft en zucht naar avontuur hadden hen het leger ingedreven. Waren ze eenmaal soldaat, dan was terugkeer naar de burgermaatschappij vrijwel uitgesloten, de maatschappij was veelal niet bereid hen op te nemen. Daarom soldaat, altijd soldaat. Hun overheden bedreven de grootste huichelarij, eerst misbruik maken van hen en daarna uitkotsen. Een voorbeeld van de huichelarij leverde Constantijn Huygens, die verschiillende veldtochten op veilige afstand meemaakte. Hij die bij uitstek kenner van het militaire leven was, vergeleek in een sneldicht het soldatenleven met dat van een prostitee:
"Denk waar de lege maag / een kalis (kale neet) toe vervoert: Voor slechts vijf stuivers daags / ben ik bereid te sterven. Ziet, snollen, ik verhuur mijn vlees / tot slaan en kerven, Wat hebt gij lichter werk, / die 't uwe maar verhoert".
Veel moeilijker was het voor de vrouwen die hun man als blijvende oorlogsinvalide uit de strijd zagen terugkeren en samen met hem tot de bedelstaf werden gebracht. Ook hier maakte Huygens vol leedvermaak een rijmpje op:
"Noch wenschen sij maer half dat hij het moght vertellen, Verlegen met een stomp, verrijckt van 't derde been; Verr' ongeriefflicker een mancke mann als geen; Dat graffschrift schencken hem de naeste van sijn magen, En dat's de rotte vrucht van bloed om goed te wagen".
Spreekt in deze regels deernis met het lot van de ongelukkige bedelaar ? Te vrezen valt, dat minachting het hier wint van bewogenheid. Wie laag genoeg staat zijn leven voor geld op het spel te zetten moet niet klagen als het fortuin zich tegen hem keert. Hier spreekt niet sterk het besef, dat die soldaat toch maar zijn huid gewaagd heeft, omdat Huygens en zijn vrienden liever
niet zelf gaan strijden voor kerk en vaderland, en het zich kunnen veroorloven die plicht tegen betaling door anderen te laten vervullen.
__________________________
Afbeeldingen:
Constantijn Huygens (1596-1687)

Muiderslot

P.C. Hooft

Republiek der Verenigde Nederlanden (1579-1795)
(Gooiland deel van het gewest Holland)

Stadhouder Willem II (1626-1650)
_____________________________
Bronnen:
Aanslag op Amsterdam door Prins Willem II


_______________________
FAMILIE DE GOOIJER

WILLEM ELDERTSZ DE GOOIJER (1645-1717)

JAN WILLEMSZ DE GOOIJER (1685-1736)

WILLEM JANSZ DE GOOIJER (1721-1788)

CORNELIS WILLEMSZ DE GOOIJER (1772-1846)


WILLEM CORNELISZ DE GOOIJER (1809-1877)

CORNELIS WILLEMSZ DE GOOIJER (1839-1933)
http://goy1839-cornelis.blogspot.com/


Stamboom en genealogie familie De Gooijer

F.J.J. de Gooijer

Labels:


This page is powered by Blogger. Isn't yours?